Om half zeven werd een ieder die mee wilde doen verwacht bij het Archief, we werden welkom geheten door Aly, daarna was het Agda die de slachtoffers, die ook op de plaquette staan benoemde.
Salomon Israëls, Mozes Israëls, Rebekka Israëls-Cozijn, Jette Israëls, Hielke v.d. Wal en Pieter Radema. Hierna werden er bloemen gelegd bij de stolpersteinen en bij de Plaquette.
.
Op het kerkplein stonden een aantal palen uitgestald, in de vorm van een kruis, wat symbool staat voor sporen die kruisen, ontsporen.
Een reizend monument gemaakt door een inwoner van Enumatil, Carla Besteman. Het idee voor het kunstwerk ontstond toen ze de herinneringspalen (of mijlpalen) in het kamp Westerbork zag.
Op elke paal staat de plaats, de datum en de aantallen van de transporten naar de concentratie- en vernietigingskampen.

Deze palen werden meegenomen door de aanwezigen, om zo met palen in stilte naar de begraafplaats te gaan om ze daar weer voor het monument te plaatsen.
Hier stond het muziekkorps “Ons Ideaal” uit Grijpskerk om ons te ontvangen en de herdenking muzikaal te begeleiden.

Hier werd door Tineke verteld oven wat deze palen zichtbaar maken. Ik kan het niet anders onder woorden brengen dan dat Tineke het deed.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog vonden vanuit Nederland ruim honderd gedwongen Jodentransporten plaats. Mannen, vrouwen en kinderen werden weggevoerd, meestal per trein, vaak via doorgangskamp Westerbork. Hun bestemming was het oosten. Naar concentratie- en vernietigingskampen als Auschwitz en Sobibór, maar ook Bergen-Belsen, Theresienstadt, Buchenwald, Ravensbrück en Mauthausen. Er zijn ook enkele transporten vanuit andere plaatsen vertrokken naar het oosten, waaronder kamp Schoorl (bij Alkmaar) en Vught.
De transporten werden aangekondigd als zogenaamde arbeidsinzet. Aan het begin ging het vooral om jonge mannen, later hele gezinnen. Ook bewoners van weeshuizen, ziekenhuizen en bejaardentehuizen werden op transport gezet.
Niemand werd gespaard. In totaal zijn 107.000 Joodse mensen uit Nederland weggevoerd. De meerderheid werd getransporteerd naar Auschwitz en Sobibor. De meeste mensen werden bij aankomst naar de gaskamers geleid en vermoord. Sommige werden geselecteerd voor dwangarbeid en stierven later aan uitputting, honger en ziekte. Slechts een klein deel, ongeveer 5000 van hen, heeft het overleefd en keerde terug. De rest bleef achter in naamloze graven of zonder graf. Een mens zonder naam, slechts een getal nog.
De palen die wij zo meteen plaatsen, met daarop de data en de aantallen, staan symbool voor deze transporten. Ze maken zichtbaar wat in cijfers eigenlijk niet te bevatten is. Elke datum staat voor een trein. Elk aantal voor mensenlevens.

Zo werden alle palen weer een voor een geplaats voor het monument, een van de vier zijden werd door Tineke benoemd. Denk daarbij dat elke paal nog drie zijden heeft.
Indrukwekkend was het zeker, velen zijn vermoord vanwege hun afkomst, maar ook velen vermoord voor onze vrede.
Daarna werd de krans en bloemen gelegd bij het monument.

In de wereld waar we nu leven mag best de vraag die op het monument staat gesteld worden “wint het kwaad”.
Foto’s: Sieta de Wit.

